Houtkachel

houtkachel altech ecosyEen houtkachel is een echte sfeermaker met zijn specifieke geur en geluid. Wist je dat enkele houtkachels zelfs beschikken over een bruikbare bakoven! Tevens is een houtkachel een goede zaak voor het milieu want wanneer er op hout gestookt wordt, draag je niet bij tot het broeikaseffect. Hout behoort tot de duurzame energie en het stoken met een houtkachel is milieuneutraal. Genoeg goede redenen voor een avondje knus borrelen bij de houtkachel. 

Dat je met een houtkachel enorm op je stookkosten kan besparen is natuurlijk helemaal mooi meegenomen! 

Voor inzicht in ons assortiment, de verschillende merken en types houtkachels kunt u kijken in onze haardencatalogus.

Algemene informatie over de houtkachel kunt u natuurlijk ook op onze website vinden.

 

INFORMATIE OVER HOUTKACHELS

 

Waarom openhaard of houtkachel stoken?


Houtkachels, houthaarden, houtvuur is sfeer van oudsher

Historische schets openhaard, vuurplaats.


Open vuur en geloof 

Vuur maken, het ontstaan van vuur

De openhaard als centrum van de woning



Haard vuur, houtkachel en schouw, in spreekwoorden en gezegden


Capaciteit van de houthaard of houtkachel, het vermogen

Houtkachels en houthaarden en de gezondheid


Tips om de houtkachel of haard te stoken, stooktips

Stooktips

Veilig vuur maken in houtkachels

Stappenplan vuur aanleggen in houtkachels

 

Voorkom verkleuring van wanden en plafonds a.g.v. houtkachels

Het binnenklimaat

Effecten bij het stoken van een haard of kachel

Het ‘Fogging-fenomeen’

Hoe kunt u deze problemen zoveel mogelijk voorkomen?

 

Brandstofkeuze voor houtkachels of houthaarden

Houtkachels stoken op briketten en houtpellets

Houtkachels stoken met hakhout

Verwarming door houtkachels gestookt op zaagsel paraffine of

bruinkool


Hakhout drogen, verkrijgen, kopen, hoe ga ik om met brandhout

Handig hout drogen

Tabel droogtijden

Wat is hout eigenlijk?


Schoorsteenbrand, schoorsteen kwaliteit

De schoorsteen… een vernuftig iets.

Het goede rookkanaal voor houtkachels en houthaarden

Schoorsteenbrand uitmaken

Onderhoud van het rookkanaal, schoorsteenvegen

Asbest rookkanaal, wat nu ?

Over smeden, schoorsteenvegers, as en rook.



Rookgasventilatoren


Milieubelasting door houtkachels of houthaarden


Hout stoken heeft nog wel eens een slechte reputatie.

Bij volledige verbranding in houtkachels ontstaat.…

Bij onvolledige verbranding in houtkachels ontstaat….

Fijnstof uitstoot speelt ook bij houtkachels en houthaarden

Hoe voorkom je overlast

Wat te doen bij kans op overlast?



Rendementen en keuringen van houtkachels en houthaarden



De houtkachel past precies in de ontwikkeling van de klimaat neutrale woning

 

Waarom openhaard of houtkachel stoken?

Op deze vraag kunnen drie antwoorden worden gegeven. Omdat houtkachel stoken leuk is. Omdat het hotkachel gebruik (nog) goedkoop is. En omdat je voor je warmte onafhankelijk bent van de nukken en manipulaties van oliesjeiks, multinationals, ajatollah’s, energiecrisissen, uitvallende elektriciteitsvoorzieningen enz. Leve de houthaard.

Tijdens de strenge winter van ’78-’79 vielen in delen van het land cv’s uit, omdat de gasdruk door de lage temperatuur te gering werd, omdat tankauto’s van oliehandelaren hun cliëntele via ijzel- en sneeuwgladde wegen niet konden bereiken, en omdat plaatselijke elektriciteit het liet afweten. De houtkachel was een redding !Hout stoken is leuk. Langs containers met sloopmateriaal schuimen wordt een maniakale sport. Zelf bomen vellen en klein maken, samen met andere houtstokers, is gezond en plezierig werk. Je bent buiten, gebruikt te weinig benutte spieren. Je krijgt een snuifje oerromantiek binnen. Sfeer dus van de houtkachel !!

Je bent bezig zelf in primaire levensbehoefte te voorzien. Het is net zoiets als je eigen, onbespoten, groente, fruit verbouwen, je eigen brood bakken.

Volgens sommige houtkachelverkopers wordt het een ongeneeslijke ziekte. Hout stoken is goedkoop – zolang niet half Nederland ertoe overgaat een houtkachel aan te schaffen. De Nederlandse bossen leveren minder dan 10% van de inlandse papier- en timmerhout behoefte. Vrijwel alle bosexploitanten werken ondanks het subsidiestelsel met verlies. Het hout in de houthandel komt voor meer dan 90% uit het buitenland. De prijzen van timmer- en papierhout stijgen gestaag. De kosten van intensieve bosbouw zoals die in Nederland wordt bedreven, stijgen nog sneller. De enige toekomst die onze bossen hebben, is niet die van productiebos voor de papier- en timmerindustrie, maar die van recreatiebos, van loofbos, van ecologisch gezonde natuur waarin plaats is voor dode bomen, vogels en zoogdieren. De tijd van houtakkers, met rijtjes exoten zoals fijnspar, lariks, douglas enz. is voorbij. Sinds de ontdekking van het vuur wordt er in bossen gekapt en gesprokkeld. Zo lang er per halve hectare bos – waarin volwassen bomen staan en zaailingen en halfwas bomen, een struiketage aanwezig is en een kruidenlaag – jaarlijks zon3,5 m3 brandhout wordt afgevoerd, wordt dit bos volgens Amerikaans onderzoek niet aangetast. Er blijft dan nog exploitabel kwaliteitshout over voor andere doeleinden, en het bos is ecologisch in evenwicht.

houtkachel anyfire beaufort

MENU

 

Houtkachels, houthaarden, houtvuur is sfeer van oudsher

De open haarden, houtkachels en houthaarden zijn tegenwoordig weer zeer in trek. De tijd is voorbij dat het open vuur of een houtkachel alleen maar gebruikt werd in kastelen, landhuizen en boerderijen. Ook in de ‘rijtjeshuizen’ en in flatwoningen heeft de open haard of houtkachel haard zijn intrede gedaan, waarbij dan gewoonlijk wel gebruikt wordt gemaakt van geprefabriceerde modellen. Vooral nu de centrale verwarming steeds meer als een onmisbare voorziening wordt beschouwd en dikwijls al bij de nieuwbouw wordt aangebracht in de vorm van wijkverwarming, wil men naast de radiator, die al een dood ding in het vertrek staat toch wel een centrum hebben: een vuurhaard in de kamer. Niets voor niets hebben vele mensen de kolenhaard in ere gehouden, zelfs naast de c.v., alleen al voor de gezelligheid. Maar vooral dank zij de opkomst van de centrale verwarming en door een groter wordende hang naar romantiek is er een nieuwe grote kans voor de open haard , houtkachel of houthaard gekomen. Het gaat er nu niet zo zeer meer om dat het nuttig effect van een open haard niet zo kolossaal is en dat men bij een open haard ‘van voren verbrandt en van achteren bevriest’. Is dat toch het probleem dan is er volop keuze en vindt u altijd de houthaard van uw dromen.

houtkachel houtkachel keuze

Er is behoefte aan een middelpunt in de kamer, aan een behaaglijk centrum, aan gezelligheid. En sfeer brengt de open haard, houtkachel en houthaard van uw keuze ongetwijfeld.

De grootste concurrent van de open haard of houtkachel is zeker niet de centrale verwarming; veel eerder de televisie, omdat zij beide kijktrekkers zijn. Velen willen wel een open vuur als aantrekkelijk middelpunt, als decoratief element.

Maar als men eenmaal besloten heeft een openhaard te bouwen of houtkachel te plaatsen dan komen dikwijls de teleurstellingen. Dan komt plotseling het technische probleem om de hoek kijken: het rookkanaal. In Nederland wordt bij de bouw vaak nog geen rekening gehouden met de mogelijkheid, dat men naast een c.v. een open haard zou willen hebben. Nog sterker: in sommige nieuwe wijken worden zelfs woningen gebouwd zonder rookkanalen.

houthaard deskundig advies omtrent bouw van een rookkanaal

En ondanks deze problemen worden er jaarlijks alleen in ons land bij nieuwbouw en verbouwing meer dan 30.000 open haarden gemaakt, nog afgezien van de moderne voorzethaarden. De laatste zijn dikwijls een oplossing voor huurwoningen.

Men heeft in grote lijnen twee soorten: de open haard, die ook werkelijk meespeelt als meubelstuk in het vertrek, of de open haard, die men als het ware alleen maar ziet wanneer hij brandt. Beide met hun zichtbaar vuur, als behaaglijk centrum, als romantisch middelpunt en met hun kijkspelachtig voordeel. De open haard speelt niet alleen in de wintermaanden als bijverwarming een rol, maar hij geeft alleen al voldoende warmte op lenteavonden en in het begin van de herfst, en in de zomer kan men er, naar engels voorbeeld, nog bloemen of planten in zetten waarvoor de Engelsman zelfs een speciaal haardtafeltje heeft. Het open, zichtbare vuur in de kamer heeft weer een nieuwe kans gekregen als bron van gezelligheid, als trekpleister en als een rustpunt in een jachtige tijd.

Stoken op gas is bijzonder populair in Nederland en Vlaanderen. Maar brandstofprijzen stijgen en er duiken alarmerende berichten op over slinkende gasvoorraden. Steeds meer mensen gaan op zoek naar alternatieven voor fossiele brandstoffen. Biomassa, zoals hout, is er een van. De houtkachel en houthaard mag zich dan ook in een vernieuwde belangstelling verheugen. Over stoken met hout – terug van eigenlijk nooit weggeweest.

haard meer hierover leest u op de site kachelbespaart.nl

Hoewel haardhout gewoon te koop is, zijn er heel wat mensen die zelf het sprokkelen en hakken ter hand nemen. Voor hen is het onderdeel van de romantiek die aan het stoken op hout verbonden is. Heerlijk in de frisse buitenlucht wat stammetjes klieven op de vrije zaterdag. En dan ’s avonds met een goed glas wijn bij de haard genieten van het knisperende vuur. Wat is er mooier dan dat? En sinds we onze houtkachel hebben, is aan het eind van de maand ook de gasrekening minder hoog.

Stoken op hout mag dan goedkoper zijn dan stoken op gas, wel zijn de houtprijzen enorm gestegen de laatste jaren. De Vereniging van Nederlandse Houtondernemingen noemt de prijsstijging ‘explosief'. De hogere kosten zijn deels te verklaren door een toenemende vraag in opkomende economieën als Brazilië en China – niet alleen in westerse landen gaat het economisch goed. Landen die hout eerst vooral exporteerden, gebruiken het nu meer en meer zelf. Daar komt bij dat er minder illegale kap is en houtproducerende landen in toenemende mate hun bossen duurzaam beheren. Het heeft allemaal invloed op het aanbod van hout, en dus op de prijs. Met hout uit eigen tuin bent u natuurlijk het goedkoopste uit. Maar ook als u haardhout koopt, is het een relatief voordelige energiebron.

kachel open haard hout kopen ?

Het milieu heeft weinig te lijden van het stoken met hout. Door het gebruik van fossiele brandstoffen, zoals aardgas, olie en kolen, neemt de opwarming van de aarde toe. De keuze voor hout daarentegen, past prima bij het streven naar minder broeikaseffect. Hout stoken is CO2 - en dus klimaatneutraal. De uitstoot van CO2 is bij verbranding niet hoger dan wanneer het hout in de natuur zou vergaan; het is een gesloten CO2 -kringloop. Bovendien is hout een duurzame, ecologisch hernieuwbare grondstof: het raakt niet uitgeput. Veel houtproducenten planten meer bomen aan dan dat ze weghalen. Met het oog op het milieu wijst de overheid nog op het belang van een kachel met de juiste capaciteit. Hoe hoger het rendement, hoe meer warmte het toestel levert, hoe lager de milieubelasting.

houtkachel helex binkie - reny - barbas - faber

MENU

Historische schets openhaard, vuurplaats.Het vuur heeft vanaf het begin bij alle volken een grote rol gespeeld, in het dagelijks gebruik, in de cultuur en de ritus. Toen mensen nog in holen en hutten woonden hadden ze al een diepte in de vloer, waar op stenen of op de grond een vuurhaard werd gemaakt. De rook kon dan door een gat in het dak verdwijnen.Pas veel later kwamen de met leem besmeerde schoorstenen in gebruik en geleidelijk aan kreeg de mens een ander vuurcentrum in huis: in het begin van de negende eeuw was dat nog een eenvoudige nis in een dikke muur. De rook moest toen voortaan door een gat in de muur naar buiten. Langzaam maar zeker groeide de ‘schoorsteen’ uit; er kwamen muurtjes bij met consoles, die in de Romaanse tijd met wapens en emblemen werden versierd. Maar vooral in de gotiek en de renaissance kwamen er monumentale open haarden, terwijl er ook later, in de barok en de rococo, werkelijk pronkstukken werden gebouwd. Tot in de middeleeuwen zijn de haardkuil en de verhoogde tafelachtige haard, oorspronkelijk meer een offerhaard en later de kookplaats, in gebruik gebleven.De schouw kwam er pas in de twaalfde eeuw. Zij kwam op twee zware schoor-, schraag of draagstenen te rusten. Daarvan werd dan ook de naam schoorsteen afgeleid.In de veertiende eeuw waren er op sommige plaatsen zelfs speciale huizen, waar men zich voor weinig geld kon warmen, de zogenaamde stoven of algemene haarden, inrichtingen, apart voor mannen en voor vrouwen, die bij sommige gasthuizen werden gesticht en waar vooral de reizigers en armen zich rondom de open haard schaarden. ‘de stoof – zo luidt een oude beschrijving –was dikwijls alleen voor armen bestemd. Gedurende de winter werd er bij dag en nacht goed vuur onderhouden opdat de verkleumde arme, die hier binnen mag komen, niet tevergeefs naar weldadige warmte behoeft om te zien.’

De kachel had intussen ook haar intrede in de woning gedaan, maar nog in de 18e eeuw wordt daarvan gezegd: ‘kaggels houde ik zeer naadelig omdat de kinderen dan altoos in eene onzuivere en vogtige lugt woonen, welke niet gemakkelijk ververscht kan worden.’ Daarom – zo zegt de schrijver uit die tijd – is die met ijzer van binnen en met steen van boven. Toch kende men de ‘kacheloven’ al enkele eeuwen, ook in ons land. In 1496 kocht het H. geestgasthuis in Deventer ’t we kachelover’ die ‘ in de stove’ kwamen te staan’, en in 1556 kreeg het kasteel boetselaersborg in ’s-Heerenberg een nieuwe stookgelegenheid, die bestond uit een ijzeren kacheloven met een bovenstuk van tegels.

In de zestiende eeuw vestigden zich in ons land ‘chachelmaickers’ uit Duitsland, die met eigen pottenbakkersovens werkten. Vanaf die tijd kwamen de ijzeren kachels ook meer in gebruik, al bleven de oude types nog in zwang, zoals die, welke opgebouwd werden uit’163 cachelsteenen’, zoals in1642 in de latijnse school in Den Haag.

De open haard heeft lange tijd tegen gehad, dat hij te veel rook ontwikkelde. Men kende de wetten over warmte en opstijgende gassen ook nog niet ook nog niet. Vandaar dat men de open haard dieper inbouwde, waardoor echter weer veel warmte verloren ging.

In 1594 ontwierp de Engelsman sir Hugh Platt de eerste kleinere haard. De achterkant daarvan maakt hij van een warmtereflecterend materiaal. Baksteen vormde toen nog het hoofdbestanddeel. Sir John winter bracht in 1658 echter de ijzeren open haard naar voren en twintig jaar later introduceerde Prince Ruperts een open haard, die veel ondieper was.

Het zou tot 1709 duren voordat de fransen Savot en Gauger in dit verband een ontdekking deden wat de warmtecirculatie in de haard betrof. Gauger ontwierp zeven types, zelfs met roosters. De beroemde ‘Cheminee de Nancy’ uit 1738 had weer een nieuw voordeel in de vorm van een metalen kap boven de haard, waardoor de rookgassen beter afgevoerd konden worden, terwijl bovendien de kap zelf nog warmte afgaf. In diezelfde tijd kwam Benjamin Franklin in de vs met zijn pennysalvanian fireplace’ : een ijzeren haard, waarin zich ook een opwarmkamer bevond voor aangezogen lucht. Dit type is in deze tijd weer overal verkrijgbaar. Franklin pleitte als eerste voor de bouw van schoolstenen aan binnenmuren.

In Engeland had men intussen weer ontdekt, dat de vuurplaatsen bijna altijd te hoog lagen. Het was ook een Engelsman, prof. Benjamin Thompston, graaf van Rumford, die met een nieuw systeem voor den dag kwam. Hij zag verband tussen de grootte van de stookplaats en de doorsnede van het schoorsteenkanaal. De graaf maakte echter een fout: hij ging uit van de veronderstelling, dat de rookgassen voor langs het rookkanaal omhoog gingen.houtkachel inzethaard inbouwhaard

MENU

Open vuur en geloof

Bij de oude Indo-germanen was de vlam de god Agni, die door het wrijven van twee stukken hout op elkaar op aarde was geroepen. Men ontving de vlam met eerbied en laafde hem met boter. De vlam bracht dan de wensen over aan de goden.Ook bij de Grieken en romeinen vereerde men het vuur in de gedaante van de godheid van de huiselijke haard: VestaDe haard, het middelpunt van het huisgezin, werd het heiligdom van deze oudste godin voor de mensen, die bij de grieken Hestia heette. Te harer ere werd in het Prytaneaeum een eeuwig vuur brandende gehouden en bij het stichten van nieuwe nederzettingen gaf men iets van dit vuur mee om het weer te ontsteken in de nieuwe stad.

In Rome zorgden zes jonkvrouwen – de Vestaalse maagden – voor het eeuwige vuur. Wanneer het vuur doofde werden zij gegeseld. En dan moet het vuur ontstoken worden door stukken hout tegen elkaar te wrijven of door een brandspiegel in de stralen van de zon te houden. De Vestaalse maagden genoten vele voorrechten en was ook een teken van geluk wanneer men haar tegenkwam. Zo werden de straffen kwijtgescholden aan die misdadigers, die op weg naar de strafplaats een van de Vestaalse maagden ontmoetten.

Maar op haar beurt werden deze vuurvrouwen hard aangepakt als zij schuldig warden bevonden aan een vergrijp tegen de eerbaarheid. Het vuur moest immers zuiver blijven. Ze werden dan in een onderaards hol, waarin een rustbed stond en waarin ook voedsel was neergezet, geworpen.

houtkachel liftdeurhaard inbouwhaard barbas bellfires kalfire jide

MENU

Vuur maken, het ontstaan van vuurDe meeste volkeren wisten al gauw hoe zij vuur moesten maken. Maar desondanks bleven zij toch voorzichtig, omdat zij altijd een vuur aanhielden.Wanneer men op reis ging werd een smeulend stuk hout meegenomen om onderweg meteen gereed te zijn. Het was lang de gewoonte om het haardvuur onder de as aan te houden. En eenmaal per jaar, tijdens het midwinterfeest, werd in het huis het vuur vernieuwd.Voor kerstmis had men dan nog een apart stuk hout, het kerstblok, dat dagen aan een stuk moest blijven branden tijdens de feestdagen. Het kerstblok werd lang van tevoren zorgvuldig uitgezocht en bewaard. De kinderen mochten het dan binnenbrengen. Het kerstblok was in tal van Europese landen bekend; in Engeland werd het met veel vertoon het huis binnengedragen. Iedereen moest er dan om de beurt op gaan zitten en iets drinken.Men had vroeger ook een zogenaamd achteraanblok. Dat diende als achterwand van het houtvuur. Het was een soort haardplaat van hout, die wel eens met het vuur meegloeide, maar toch eigenlijk slechts zeer langzaam mocht verkolen. Het achteraanblok moest, als het goed was, het hele jaarmeekunnen. Vooral in Friesland waren deze achteraanblokken in gebruik. Met kerstmis werd er dan een nieuwe houten haard-‘plaat’ neergezet.Tot in deze eeuw was het in verschillende plaatsen nog steeds het gebruik om elk jaar opnieuw een vreugdevuur te ontsteken. Eerst moest dan de nieuwe brandstof worden opgehaald; het oude haardvuur werd vervolgens gedoofd. Door wrijving werd nieuw vuur gemaakt, waarmee de brandstapel werd aangestoken; met eenbrandend stuk hout ging men dan vlug naar z’n eigen huis om de haard weer aan te steken. De oorspronkelijke betekenis hiervan was, dat de zon door het hernieuwde vuur versterkt werd, terwijl er tevens mee bereikt werd, dat de boze geesten werden verdreven.Pas later ging men vuur maken met behulp van gereedschap: de vuurslag, die om een vuursteen werd geslagen. De vonk werd opgevangen door een tondel en weer bewaard in een tondeldoos. Een tondel was een gebrande linnen lap, die in een doos werd gedaan. Daarmee kon men dan wat later het vuur in de haard aanmaken. Maar uiteindelijk zouden de lucifers het toch winnen.

houtkachel speksteenkachel altech tulikivi speksteen

De eerste ‘vuurstokjes’ werden omstreeks 1805 gemaakt in Parijs en tien jaar later ging derosne deze van fosfor voorzien voor het ontsteken van vuur. Er kwam al een verbetering van het product omstreeks 1830 toen Jones strijklucifers ging maken, die een kop van zwavel kregen, overtrokken met zwavel-antimoon en chloorzure kali. Deze lucifers moesten dan tussen twee met zand bedekte papiertjes worden getrokken.In dezelfde tijd werden de eerste luciferfabrieken opgericht, maar de vervaardiging van dergelijke vuurstokjes werd zo gevaarlijk geacht dat, de overheid ze in verschillende landen ging verbieden. Eerst nadat omstreeks 1840 de chloorzure kali gedeeltelijk door een mengsel van menie en bruinsteen werd vervangen en uiteindelijk helemaal door loodsuperoxyde kwam de luciferfabricage pas goed op gang. Het was Bottger, die in 1848 met een nieuwe vinding naar voren kwam: er kon rode fosfor op de wrijfvlakken voor fosforvrije lucifers worden gebruikt.En dan werden dan de zogenaamde veiligheidslucifers. Vooral zweden trad hiermee op de voorgrond, maar als spoedig werd de fabricage ook in andere landen op grote schaal ter hand genomen. Het gebruik steeg al gauw tot ruim 2 miljard stuks per dag. In sommige landen kwam men op het idee om een luciferbelasting in te voeren; men begon zelf met staatsfabrieken. Luciferhoutjes worden hoofdzakelijk gemaakt van populieren-, wilgen-, linde- en essenhout, dat in water wordt gekookt om het minder bros te maken. Het hout wordt geschilderd en gesneden tot de gewenste dikte, gepolijst en soms nog geschaafd. De stokjes krijgen dan een zwavel- of paraffine-bolletje en worden tenslotte automatisch in doosjes verpakt.Voor 1 miljoen lucifers heeft men ongeveer8 kilo zwavel nodig. De luciferkoppen bestaan verder uit een bindmiddel. Het gebruik van fosforhoudende koppen werd in1906 in de meeste landen al officieel verboden. De in licht ontvlambare massa gedoopte bolletjes hoeft men maar op een ruw vlak of op een geprepareerde laag te wrijven om een vlammetje te krijgen. Daarnaast kwamen dan later weer de aanstekers, waarin de vuursteentjes weer een rol gingen spelen.

vrijstaande houtkachel convectie barbas scan jotul dovre anyfire

Vuur spreekt tot de verbeelding. Wie van ons heeft als kind niet eens geprobeerd een fikkie te stoken? Of toch op zijn minst toegekeken hoe een stoer vriendje dat deed. Met een aansteker of een paar lucifers is vuur maken een fluitje van een cent. Vroeger was dat wel anders. Toen moesten de mensen heel wat meer moeite doen om een vuur aan het branden te krijgen.

Wanneer mensen geleerd hebben vuur te maken, is niet precies duidelijk. Vuur is er immers altijd geweest. Op een natuurlijke manier ontstond het door bijvoorbeeld blikseminslagen en vulkaanuitbarstingen. Vuur is altijd bijzonder belangrijk geweest voor de menselijke ontwikkeling. Het zorgde voor warmte en licht, je kon ermee koken en allerhande materialen mee bewerken. Al snel ontdekten mensen dat het handig was dit vuur mee te nemen naar andere plaatsen. Vuur was een uitstekend ‘wapen' bij de jacht: brand een stuk land plat en het wild vlucht ... recht in de handen van de jagers. Ook brandden stammen bos plat voor het bouwen van nederzettingen en het verkrijgen van vruchtbare landbouwgrond.

Als je zelf geen vuur kunt maken, is het erg onhandig als het vuur dooft. En dus doken er al snel ‘vuurbewaarders' op. Hun taak was het om het vuur altijd brandend te houden. Wanneer een stam naar andere streken trok, bijvoorbeeld omdat daar meer voedsel voorhanden was, namen zij het vuur mee. Dit gebeurde met behulp van een stok, gloeiende kool of tonderzwam. Ze werden ware vuurspecialisten. Zelfs over grote afstanden wisten ze vuur te vervoeren zonder dat het doofde. Wanneer dit onverhoopt toch eens gebeurde, was er natuurlijk een probleem. Wat dan? Je kon iemand zoeken die zijn vuur wilde delen - of het stelen van anderen. Niet gek dus dat mensen op zoek gingen naar manieren om zelf vuur te ‘maken'.

Archeologen schatten dat het zo'n 500.000 jaar geleden is dat de mens zelf de kunst van het vuur maken leerde. Haarden komen we pas bij de Neanderthalers tegen (150.000-300.000 jaar geleden). De eerste reproduceerbare manieren om vuur te maken, waren gebaseerd op frictie. Mensen ontdekten dat als je maar snel en lang genoeg wrijft, zoveel warmte ontstaat dat je er licht ontvlambare materialen mee kunt aansteken. In de prehistorie kenden ze twee manieren: droog hout wrijven en stenen tegen elkaar slaan.

Wanneer je twee stukken hout langs elkaar wrijft, komt er veel hitte vrij en ontstaat een soort houtpoeder. Door te blazen gaat de smeulende massa gloeien. Als je zorgt dat er tondel onder ligt, gaat ook die gloeien. Tondel is een licht ontvlambaar materiaal, bijvoorbeeld lisdoddenpluis, de hoed van de tondelzwam, of niet geheel verkoold linnen of katoen. Op deze manier maakten mensen in de prehistorie hun eerste vuren.

Een andere manier van prehistorisch vuur maken, is het vuur slaan met behulp van stenen. Daarvoor is een aambeeld nodig, een tondel en een vuurslag. Dit laatste is een stuk staal waarmee je vonken uit een vuursteen slaat. Er zijn twee manieren: de slagijzermethode en de zwavelkiesmethode. Bij de slagijzermethode schamp je met een vuurslag over een steen. De vonken die daarbij ontstaan zorgen, in combinatie met de tondel, voor vuur. Bij de zwavelkiesmethode sla je geen vonken, maar maak je gebruik van wrijving. De deeltjes die van de steen loslaten, verbranden meteen door het hoge ijzer- en zwavelgehalte.

Zin gekregen om zelf vuur te maken? Zorg dan voor een dosis geduld, regel een vuursteen of haardblok en ga op zoek naar de tonderzwam. Deze laatste vraagt wel om een speciale behandeling. In laagjes gesneden en goed gedroogd, week je die voor gebruik het beste in paardenurine. Iets te omslachtig? Kies dan gewoon voor een kachel of haard. Lucifer erbij, knop omdraaien en ... heerlijk genieten bij een behaaglijk vuur.

kachel en haard Meer over het ontstaan van vuur en live demonstraties ambachten ?


design houtkachel en houthaarden

De Vereniging Haard en Rookkanaal constateert de laatste tijd een stijging van de interesse in houtkachels. "Mensen komen erachter dat stoken met hout slim is. Het bespaart op de gasrekening. Ze rekenen zelf uit wat de energieopbrengst uit hout is.

MENU

De openhaard als centrum van de woningDe haard is altijd het architectonische en sociale centrum van de woning geweest.De meest oorspronkelijke blokhutten heten dan ook in Noorwegen nog aarestue haardhuizen, en in zweden rookbuizen. De architectuur van het scandinavische boerenhuis wordt beheerst door een centrale haard waaruit de rook en walm een uitweg zochten door de ljore of lyre en later door een primitieve schoorsteen, welke met een houten klep tegen sneeuw en windval kon worden afgesloten.In heel Noord-Europa concentreert zich aan de haard het maatschappelijk en geestelijk bestaan van de bewoners. Daar trof men ook de zetel aan van de boerin, die aan de haard, bij afwezigheid van de man, feitelijk het gehele bedrijf overzag en kon besturen. Dat is nog algemeen zeer duidelijk te zien aan de haard van het achterhoekse los hoes. De brouwe als hoedster van het haardvuur, kon daarbij in de zwarteberookte roodkoperen smodde de koffie zetten en in de groete ijzeren pot de aardappels en het varkensvoer koken. Tegelijkertijdkon ze het spinnewieltje laten snorren en met een blik controleren, of de spreekwoordelijk luie wever in zijn half-duistere kamertje onder de hilde zijn dagtaak naar behoren volbracht in het voordurend heen en weer laten schieten van zijn spoeltjes door het getouw. Al de huiselijke bezigheden van de meid in het open washok kon zij volgen en over de deel zag zij door de wijd los staande nien- of baanderdeur, of de knechten op het erf hun plicht deden en verder op de akkers, of de werkzaamheden van het ploegen, eggen, zaaien, wieden of oogsten hun normale dagelijkse voortgang hadden. Was de boer naar de markt, dan wist hij zijn hoeve veilig in de hoede van de boerin door de in lood gevatte ruitjes van het achteroet bij de haard zag ze in kruidhof en wat verder in de iemenschoer, het spieker en het bakhoes.

houtkachel open haard haard partij openhaard liftdeurhaard

MENU

Haard vuur en schouw, in spreekwoorden en gezegden.

Er zijn heel wat spreekwoorden en gezegden, waarin de haard, het warmende vuur en de schouw een rol spelen. Er werden ook verschillende spreuken in schouwen verwerkt, door deze in te kappen of er op te schilderen. We laten hier een aantal van die uitdrukkingen volgen, bekende en meer onbekende.

Eigenhaard is goud waard.

Bij andermans haard(vuur) is het goed warmen.

Beter aan een klein vuur warmen dan aan een groot vuur branden.

Een man zonder vrouw is een haard zonder vuur.

Een houtje in ’t vuur is niet genoeg,het wil gezelschap.

Die een vlam wil maken vindt wel een zwavelstok.

Als het vuur rookt kan men de vlam verwachten.

Die het dichts bij het vuur staat warmt zich het beste.

Die vuur wil hebben moet rook kunnen dragen.

Hij wakkert het vuurtje aan (en houdt zich schuil).

Die te dicht bij het vuur zit brandt zich de schenen.

Let wel: van 1 vonk kan een heel huis afbranden.

Waar men het houtje stookt, daar rijst de vlam.

Krom hout zingt en bevroren turf luistert ernaar.

Groen hout maakt heet vuur.

Dor hout brandt het eerst.

De mens is het dier dat vriendschap gesloten heeft met ’t vuur.

Steek geen vuur aan dat ge niet kunt doven.

Turf en hout houdt geen gezelschap.

Wie in ’t veen ( ook: aan het vuur) zit kijkt niet op ’n turfje.

Hoe dichter bij het vuur, hoe heter.

Kwade wijven kunnen goed vuur stoken.

Hoe meer men bedekt, hoe groter hitte het verwerkt.

Men moet geen water met vuur mengen.

Van goed hout krijg je het beste vuur.

Je kunt geen vuur met vuur blussen.

Vuur bij vlas brandt wonderras.

Het behoort alleen tot ’s mensen zaken om vuur te maken.

Vuur dat schijnt gedoofd, sluimert vaak onder de sintels.

Stront, vuur en zotten willen niet geraakt zijn.

Wilt ge brand vermijden, veeg dan bijtijds de schouw.

Men moet de haard doven voordat het vuur het dak uitslaat.

Speel niet met vuur.

Er gaat niets verloren als de rook van de schouw.

Eigen vuur(ook: rook) is alles(goud) waard.

De haard vat dadelijk vuur, heb niet dezelfde kleur.

Het is nergens beter dan aan de huiselijke haard.

Eens zal men toch naar zijn haardstede wederkeren.

Veel vuur kan warmte verdragen.

houtkachels houthaarden

MENU

Capaciteit van de haard of kachel, het vermogen

Zoekt u een verwarmingshaard of juist één voor de gezelligheid? Uw kachelspecialist zal dat graag met u willen bespreken.

Hij zal er op letten dat de capaciteit van uw toekomstige houtkachel of haard perfect past bij uw woonruimte. Met name voor een sfeerhaard is het van belang dat deze niet te veel capaciteit heeft, zodat u de haard niet te getemperd hoeft te stoken.
Bereken het vermogen aan de hand van een grafiek. Want als u de uitgekiende verbranding van de houkachel of haard optimaal kunt benutten, brandt deze ook het schoonste.

MENU

Houtkachels en houthaarden en de gezondheid Houtkachels, houthaarden en open haarden leveren vooral een gezellige sfeer; ze worden niet vaak gebruikt als enige verwarmingsbron in huis. Hout stoken met een houtkachel kan wel gezondheidsrisico's en milieubelasting opleveren. Een op de vijf woningen in Nederland heeft een houtkachel, houthaard of open haard. Geschikt voor verwarming zijn in principe alleen de vrijstaande, gesloten houtkachels met een hoog rendement, pelletkachels en tegel- en speksteenkachels. Houtbriketten zijn het meest geschikt als brandstof voor hout stoken in huis.

Uit een houtkachel kunnen gassen vrijkomen die schadelijk zijn voor de gezondheid. Daarom zijn luchtaanvoer en een goede stookinstallatie noodzakelijk; net als het stoken van schoon, droog hout of pellets. Denk voor de veiligheid en het milieu ook aan de juiste manier van stoken en regelmatig onderhoud van de schoorsteen.

MENU

Tips om de houtkachel of haard te stoken, stooktips

Stooktips

Sommige kachels heten 'allesbrander'. Toch zijn ze alleen geschikt voor hout. De vakman spreekt daarom alleen over houkachels of houthaarden. (RTL artikel nieuws)

  •  

     

     

     

     

    Laat minimaal eens per jaar de schoorsteen van uw houtkachel vegen en controleren. Volg bij installatie of aanbouw de regels van het Bouwbesluit.

    Laat minimaal eens per jaar de schoorsteen van uw houtkachel vegen en controleren. Volg bij installatie of aanbouw de regels van het Bouwbesluit. Laat minimaal eens per jaar de schoorsteen van uw houtkachel vegen en controleren. Volg bij installatie of aanbouw de regels van het Bouwbesluit. Laat minimaal eens per jaar de schoorsteen van uw houtkachel vegen en controleren. Volg bij installatie of aanbouw de regels van het Bouwbesluit.
  • Sluit bij een schoorsteenbrand direct de luchttoevoer naar de houtkachel of houthaard. Doof het houtvuur met zand. Gebruik geen water, dat kan ontploffingen geven.

  • Maak de open haard of houthaard niet schoon met een stofzuiger. De stofzak is zeer brandbaar: één gloeiend stukje hout en de stofzuiger brandt.

  • Gooi as uit open haard of houtkachel niet bij het groente- fruit- en tuinafval, maar bij het gewone huisvuil.

  • Voorkom ophoping van schadelijke verbrandingsgassen en radongas: ventileer extra als u de houtkachel stookt in huis, zeker als u een mechanisch afzuigsysteem heeft.

 

houtkachel met liftdeur principe houthaard

MENU

Veilig vuur maken in houtkachels

Hoe eenvoudig het stoken van een open haard ook schijnen moge, toch vereist het veel voorzorgen, opmerking en nadenken, wanneer het er op aankomt het op voordelige wijze te doen’. Wist men al lange tijd geleden te vertellen. En dan ging het daarbij vooral om het koolstofgehalte, het waterstofgehalte en het zuur- en stikstof gehalte van de te gebruiken brandstof. Hout bestaat voor 49% uit koolstof, 6% uit waterstof en 45% uit zuur- en stikstof. Het gehalte van deze stoffen komt bij turf op 52% koolstof, 6%waterstof en 41% zuur- en stikstof. Bij kolen ligt het gehalte, van bruinkool tot antraciet 66-94 % koolstof, van 5 tot 2% waterstof en van 28 tot 3% stikstof en zuurstof. De verbrandingsproducten zijn dan koolzuur en water. Wanneer er niet genoeg lucht wordt toegevoerd, blijven kooldeeltjes onverbrand over en die zetten dan roet af. En de onverbrande stoffen, zoals minerale zouten, blijven als as achter.Als u een vuur stookt in houtkachels, zijn er een paar dingen waar u op kunt letten voor de veiligheid. Stook liever niet als het mistig is of windstil. Rook en gassen verspreiden zich dan onvoldoende, daardoor kan overlast ontstaan en hopen verbrandingsgassen zich op (de schoorsteen trekt dan slecht, zie ook schoorsteen op orde).

Witte of kleurloze rook is een goed teken: hout verbrandt dan volledig in de houtkachel en heeft voldoende zuurstof. Grijze, grijsblauwe of zwarte rook wijst op onvolledige verbranding. Daarbij komen schadelijke stoffen vrij. Zorg dan voor meer luchttoevoer. Vuur verbruikt veel zuurstof: een gesloten houtkachel heeft per uur vijftig kubieke meter lucht nodig, een open haard tot 250 kubieke meter. Zorg dus voor goede luchtaanvoer, via ventilatieroosters of een open raam.

Volg voor de juiste manier van luchttoevoer de stookvoorschriften van de fabrikant. Ventileren (ramen of ventilatieroosters openen) is hoe dan ook noodzakelijk.

Zeker in een goed geïsoleerde woning is het belangrijk om verse lucht aan te voeren via een aparte pijp direct uit de buitenlucht . De aanvoer van verse lucht verloopt in geïsoleerde huizen namelijk te traag. Dan kan onderdruk ontstaan, waardoor rook- en verbrandingsgassen de kamer inkomen, en lucht met radongas uit beton en kruipruimten wordt gezogen. Een open raam of ventilatierooster kan voldoende zijn; controleer dat tijdens het stoken. Als de verbranding te hard gaat, kunt u bij gesloten houtkachels en houthaarden de onderste luchttoevoer iets temperen, of deurtjes voor de open haard sluiten. Teveel verse lucht kan oververhitting van de houtkachel veroorzaken. Blijf dus goed opletten hoe de kachel brandt.

Een (haard)vuur in houtkachels of houthaarden levert de minste schadelijke gassen op als er volledige verbranding plaatsvindt: met veel zuurstof (luchttoevoer) en onder hoge verbrandingtemperatuur. Goede luchttoevoer is hoe dan ook belangrijk, omdat ook bij volledige verbranding schadelijke stoffen vrijkomen.

MENU

Stappenplan vuur aanleggen in houtkachels

Voor de uitvinding van de zwavelstokken de lucifer zat men met het probleem, dat er eerst vuur gemaakt moest worden voordat de haard aangestoken kon worden. De mens bediende zich van vuurslag, het slaan van staal tegen vuursteen. De vonk werd dan opgevangen door een tondel, een linnen lap in een tondeldoos, die dan opvlamde.er schijnt in de oude tijden ook al gebruik gemaakt te zijn van brandglas met minstens aan 1 zijde een bolle vorm, waarop men zonnestralen dan loodrecht moest laten vallen. In elk geval staat vast, dat er in de 17e eeuw nog speciale brandglazen werden vervaardigd om er droog hout mee aan te steken.Tegenwoordig is het heel wat gemakkelijker om de open haard aan te maken. De meest gangbare manier bestaat nog altijd in het aansteken van in elkaar gefrommelde kranten op de roosterbodem, waarop dan takken of aanmaakhoutjes worden gestapel.Nog beter is het om die rechtop in het vuur te zetten en om er houtblokken omheen te groeperen.De brandstof moet in elk geval luchtig opgestapeld zijn. De meer haastigen onder ons gebruiken bovendien nog spiritus of petroleum, en de meer lichtzinnigen zelfs benzine of gaspoken!Benzine heeft men echter lang niet in de hand en gaspoken zijn zelfs levensgevaarlijk. In tal van plaatsen is het gebruik daarvan ook verboden.Een nieuwe oplossing, voor het aanmaken van een haard vormen de speciale aanmaakblokjes, die je per stuk 20 minuten branden en het vuur voor weinig geld op gang brengen.Met een blaaspijp of blaasbalg, een pook en een tang komt men verder een heel eind. Het is af en toe namelijk nodig om er wat lucht in te blazen of te pomp en om het vuur op te poken, zodat er lucht bij kan. Hoe verschillend de middelen zijn die door de mensen zijn gebruikt om zich licht en ook warmte te verschaffen, toch hebben alle dit met elkaar gemeenm dat zij van een hoofdbron afkomstig zijn.Alle ontlenen zij de grondstof voor verwarming tenslotte aan het plantenrijk. Zo luidt een oude waarheid.De tips:

  • Leg eerst kleine houtjes los op een paar proppen papier; steek dat aan.
  • Gebruik nooit spiritus of andere vloeibare brandstoffen om de kachel aan te steken. Dit kan ontploffingen of steekvlammen geven.
  • Leg daarna grotere stukken hout op het vuur. Stapel niet te veel hout tegelijk, maar vul regelmatig bij. Zo kan de kachel of open haard op volle capaciteit doorbranden.
  • Stook het liefst met maximale luchttoevoer (ongesmoord), en stapel het hout niet te dicht op elkaar. Zo kan er voldoende zuurstof bij het vuur komen.
  • Het doven van vuur veroorzaakt onvolledige verbranding en schadelijke gassen. Laat het vuur daarom zo lang mogelijk uitbranden.
  • Laat vuur (‘s nachts) niet zachtjes nasmeulen. Doof het volledig met zand of sluit de luchttoevoer af. Bij nasmeulen vindt onvolledige verbranding plaats en ontstaan schadelijke gassen.

openhaard houtkachel kalfire open haard schouwMENU

 

Stokertje maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie. Sluiten